web analytics

De curieuze en gruwelijke geschiedenis van de Friezen – deel 180.

 

Anno 1422. Volkomen murwgeslagen door de vele rampen in het voorgaande jaar, werden de inwoners van de Lage Landen ietwat rekkelijker en vredelievender.

Jan van Beijeren was er steeds op uit om des te beter zijn heerschappij hier te vestigen door tweedracht te zaaien . Maar nu kon na enige onderhandelingen een “permanent” vredesverdrag worden gesloten tussen de Schieringers en de Groningers, Ommelanders en hun Oost-Friese bondgenoten. Hertog Jan was niet gediend van deze vereniging van de Friezen tussen Wezer tot de Zuiderzee. Hij stelde Hendrik van Renesse nog aan als Stadhouder over Friesland, maar inmiddels was zijn macht vrijwel teniet gegaan.

In Sloten en Lemmer had de Hertog nog wel een legermacht en aanhang. Dokkum en Ezumazijl waren bezet door Hollandse zeerovers. Sloten voegde zich nu bij de bondgenoten, maar de bezetting van Ezumazijl was moeilijk te breken.

Na een vergeefse poging van Fokke Uken en zijn manschappen, werd in Lubek en Hamburg een vloot uitgerust met 1000 manschappen en rijkelijk voorzien van stukken geschut en ander wapentuig. Na vele vergeefse bestormingen kon een bres in het bolwerk worden geschoten. De verdedigers waren niet in staat om de schans te behouden. Een groot deel van de bezetters werd in de volgende bestorming neergehouwen en de overigen werden gevangen genomen. Vier en veertig beruchte zeerovers werden onthoofd en hun hoofden op staken langs het strand opgesteld.

Gezien dit succes van de bondgenoten, durfden de bezetters van Dokkum geen belegering af te wachten en ze ontruimden de stad. De gevonden grote buit , herkend door hun eigenaren, werd weer ter hand gesteld aan de bestolen kooplieden. Als straf voor de inwoners werd de stad geplunderd. Veel rovers ontvingen hun straf, maar een groot aantal voortvluchtigen bleef door het land zwerven. Het gespuis bedreef zoveel misdaden als moord, brand, verwoestingen dat de landzaten zich verenigden om deze benden het land uit te drijven.

De vestingwerken in Dokkum en Ezumazijl werden omver geworpen. Bij de Lemmer namen de Friezen het kasteel in en braken het af. En zo was geheel Friesland bevrijd van vreemde overlast en heerschappij.

 

Permanente koppeling naar dit artikel: http://www.fanvanfryslan.nl/wordpress/2015/08/de-curieuze-en-gruwelijke-geschiedenis-van-de-friezen-deel-180/