web analytics

jun 09

De Oude Friezen ( deel 7)

Uit GESCHIEDENIS VAN FRIESLAND. 

Quintilius Varus, Stadhouder in deze gewesten, maakte zich, door zijne trotschheid maar nog meer door zijn vuil en ontuchtig gedrag, zeer gehaat bij deze volken, welke bovendien eenen gedurigen wrok tegen de Romeinen, die hunne vrijheid weggenomen hadden, voedden, en telkens gelegenheid zochten, om zich van hunne overheerschers vnj te maken. Ofschoon uiterlijk onderdanigheid en gehoorzaamheid betoonende, werd door de Germaansche volken het plan beraamd, om, zoo mogelijk, het Romeinsche leger op eenmaal te verslaan.
 
Arminius en Segemerus, twee koningen van Germaansche volken, waren de aanleggers en beleiders van dezen aanslag, waarin de Cheruscen, een magtig Germaansch volk, dat aan de Elve een uitgestrekt land bewoonde, een voornaam aandeel hadden. Meest alle volken in deze en naburige Duitsche gewesten namen min of meer deel in den aanslag van Arm inius; ook de Friezen en Batavieren, zoo zeer op vriiheid gezet als eenig volk ter wereld, namen er deel in, doch naar het schijnt alleen, om hulpbenden te leveren, zonder dat deze laatste volken in vollen opstand tegen de Romeinen geraakten.


 

Alle artikelen uit ONLINERS. ARCHIEF

 
Nadat het ontwerp gereed en tot de uitvoering gekomen was, werd Varus, die geen onraad vermoedde, naar het Teutonische of Dethmolder woud, in het Paterbornsche, heen gelokt; en hier werden de legioenen der Romeinen geheel onverhoeds van hunne vijanden aangevallen en bijna allen neêrgeveld. Drie legioenen en vele hulpbenden gingen hierbij verloren, en sommigen begrooten het verlies der Romeinen op omstreeks vijftig duizend man.
 
De gevangenen werden ijsselijk vermoord, zonder persoon of rang te ontzien. Ridders zelfs werden voor slaven aan de boeren verkocht, en men liet de verslage-nen onbegraven op de velden liggen. Hoezeer men hier alle blijken van woeste en ruwe wreedheid ontdekt, ziet men er echter in, hoe zeer de wraak tegen de Romei-nen, wegens het berooven hunner vlijheid, dus fel ontbrandde, en nu daar, waar zij lucht kreeg, bijna geene palen kende.
 
Volumnius, die met eenige ruiters ontkwam, vlugtte naar eene der sterkten aan den Rijn, welke de Romeinen, wel ten getale van veertig of vijftig, langs die rivier gebouwd hadden. Varus doodde zichzelven, om die nederlaag en’ den smaad, aan de Romeinsche wapenen aangedaan, niet te overleven, vreezende tevens voor het ongenoegen en de straf van Augustus.
 

Deze nederlaag leden de Romeinen tien of elf Jaren na Christus geboorte.


 

Permanente koppeling naar dit artikel: http://www.fanvanfryslan.nl/wordpress/2009/06/de-oude-friezen-deel-7/